Voedingsstoffen 5 van 6: Mineralen

In deze zesdelige blog ga ik het hebben over de zes typen voedingsstoffen: Koolhydraten, vetten, eiwitten, vitaminen, mineralen en water.

Mineralen spelen een rol als bouwstenen van beenderen en tanden en als bestanddeel van enzymen. Als opgeloste zouten in lichaamsvloeistoffen en in cellen houden ze het osmotische evenwicht in stand. Sommige mineralen zorgen voor een goede werking van spieren en van zenuwen. Ons lichaam bestaat voor ongeveer 4% uit mineralen

Er wordt onderscheid gemaakt tussen minerale elementen die ons lichaam in grotere hoeveelheden nodig heeft, zoals calcium, fosfor, kalium, natrium, chloor en magnesium. En sporenelementen waarvan kleinere hoeveelheden nodig zijn, zoals ijzer, zink, koper, seleen, chroom en jodium.

Minerale elementen

Calcium en fosfor komen voor in melk(producten), kaas, volkorenproducten, groenten en peulvruchten. Samen komen ze voor als calciumfosfaat en zijn ze verantwoordelijk voor ongeveer 75% van het gewicht aan mineralen in ons lichaam. Ze komen vooral voor in beenderen en tanden. Ook zorgen calciumionen in het bloed voor bloedstolling, ze vormen met het oplosbare eiwit fibrinogeen de onoplosbare fibrine. Ook zijn calciumionen noodzakelijk voor de goede werking van spieren en zenuwen.

Natrium en kalium . De belangrijkste bron van natrium is keukenzout (natriumchloride) gemiddeld gebruiken we elke dag 9gram keukenzout. Het meeste zout dat we binnenkrijgen, komt niet van het potje op tafel, maar zit van nature al in voedsel of is er door fabrikanten aan toegevoegd. Vooral soep snacks en kant-en-klaarmaaltijden bevatten veel zout.

Door het gebruik van zout om voedingsmiddelen te conserveren vind je het woord zout of sal soms al terug in de naam van het voedsel zelf. In Italië bijvoorbeeld heten vleeswaren salume, de delicatessenwinkel salumeria en worst salsiccia of salami. In het frans betekend saucisse worst en salsifis schorseneren. In het Nederlands kennen we woorden als saucijs saus en salade. Meestal wordt op het etiket van voedingsmiddelen het natriumgehalte vermeld. Om dat om te rekenen naar natriumchloride doe je het aantal maal 2,5.

Zeezout is niet geraffineerd. Zeezout is vaak klonterig omdat er nog magnesiumzouten in voorkomen die vocht aantrekken. Er wordt soms gezegd dat zeezout beter is voor de gezondheid dan keukenzout. Dit is niet waar. Zeezout is net als keukenzout voor 99% natriumchloride, daarom is ook de naam zeezout niet een beschermde naam.

De belangrijkste functie van natriumionen is om samen met chlorideionen, de osmotische druk van de vloeistoffen tussen de cellen in ons lichaam te regelen. Chloor is ook nodig voor de pompfunctie in de lichaamscellen en voor aanmaak van maagzuur. De behoefte aan keukenzout per dag is slechts een paar gram. Te veel natrium geeft onder ander aanleiding tot bloeddrukverhoging .

Kaliumzouten komen voor in de meeste plantaardige producten, waardoor bij een normaal dieet een tekort nooit optreedt. Bananen zijn heel rijk aan kalium. In ons lichaam komt kalium vooral in de cellen voor en regelt er de osmotische druk. Kalium ionen spelen een rol bij de prikkeloverdracht in zenuwcellen, onder andere bij de omzetting van lichtprikkels in zenuwprikkels in het oog

Magnesium . Cacao en bittere chocolade, schelpdieren, garnalen, sojabonen en noten geven meer dan 100mg magnesium per 100gr. Ook groene groenten en ongepelde granen zijn rijk aan magnesium. Daarnaast kan drinkwater ook een belangrijke bijdrage leveren aan de magnesium inname.

Magnesium treedt op als bestanddeel en als activator van talrijke enzymen. Een magnesiumtekort geeft aanleiding tot stoornissen van het zenuwstelsel. Bij een gevarieerde voeding en leefstijl komt een tekort eigenlijk niet voor.

Sporenelementen

Er zijn 14 sporenelementen , namelijk: ijzer, fluor, zink, silicium, koper, vanadium, seleen, mangaan, jodium, boor, nikkel, molybdeen, chroom en kobalt.

Ze spelen een belangrijke rol als bestanddelen van hormonen, vitaminen, enzymen, of andere eiwitten. Een normale voeding geeft een voldoende hoeveelheid van deze elementen. Behalve dan misschien ijzer fluor en jodium

Het ijzer dat wij uit vlees halen kan gemakkelijker via onze darmen worden opgenomen dan ijzer dat wij uit plantaardige bronnen halen. Vooral kinderen en vrouwen tot aan de menopauze hebben meer ijzer nodig.

Ons lichaam bevat ongeveer 5 gram ijzer . Het is een belangrijk deel van de rode bloedkleurstof hemoglobine. Dit is een eiwit dat in de rode bloedlichaampjes voorkomt en zorgt voor het zuurstoftransport in ons lichaam. Myoglobine, dat optreedt als zuurstofdrager in spierweefsel bevat ook ijzer.

Bronnen van jodium zijn brood, aardappelen en vooral zeevis. Ook wordt vaak jodium toegevoegd aan keukenzout. Jodium komt in ons lichaam vooral voor in de schildklier, waar het wordt gebruikt voor de opbouw van het hormoon thyroxine, dat de groei en stofwisseling beïnvloed. Bij een tekort aan jodium gaat de schildklier zich abnormaal vergroten.

Fluor komt onder andere voor in zeevis en in thee. In sommige landen wordt natriumfluoride aan het drinkwater toegevoegd. Fluor zorgt voor de sterkte van het tandbeen en van het tandglazuur.

CONCLUSIE:

Voor mineralen geldt, net als voor vitaminen, dat ze heel belangrijk zijn voor het instandhouden van ons lichaam en leven, maar dat bij een normaal gevarieerde eet en leefstijl een tekort daarvoor eigenlijk niet voorkomt. Ook geldt, net als bij de vitaminen, hier dat er een minimum en een maximum is. Het is daarmee ook bij mineralen niet aan te raden om supplementen te nemen tenzij die specifiek voor jou zijn voorgeschreven.

Share:

Share on facebook
Facebook
Share on twitter
Twitter
Share on pinterest
Pinterest
Share on linkedin
LinkedIn

Laat een reactie achter

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *